Wat kan een advertentie van een groot reisbureau veel teweeg brengen. Oké, we zouden naar het zuiden gaan, naar Spanje, naar Portugal. Als in de vakantietekst staat dat plaatsen als Madrid, Toledo, Salamanga en daarna ook Lissabon in tien dagen heel mooi zijn om te bezoeken denken we: dat kunnen we ook wel in ruim een maand. Tijd zat en de camper is klaar voor vertrek. Zij reizen met per vliegtuig en snelle bus, wij gaan op ons dooie akkertje richting Spanje. En zo geschiedde…

Na het Bietenbal in Amsterdam, dat overigens heel goed was georganiseerd en dus ook heel gezellig is geweest, vertrekken wij in alle vroegte richting de randweg A10. Rond 7 uur, iedereen lag nog op een oor, rijden we zo zacht mogelijk richting uitgang om uren later de eerste overnachtingplaats te bereiken. Parijs op zondag is redelijk rustig, dus geen problemen met files en opstoppingen. We rijden naar Saran, even boven Orléans. In deze kleine satellietstad is een nette camperplaats, maar te rustig. Geen hond te bekennen, behalve rond vijf uur als we de schotel hebben gericht. Het grote park dat voor deze viervoeters is ingericht doet daarna kil aan en geeft ons geen goed gevoel. ‘Als dat er niet is gaan we er niet staan’, is het motto dat we beiden hebben afgesproken.

Geen tol
Even verderop ligt het plaatsje La Chapelle Sint Mesmin (n47.88405 E 1.83682, 5 euro), ook een voorstadje van Orléans, we slapen als een roos en de volgende morgen vertrekken we richting Périgueux. Deze prachtige plaats met zijn schitterende kathedraal is door ons al eens bewonderd, dus wordt er alleen geslapen, op een prima camperplaats aan de oever van de rivier de Saronne. Aanwezig is een slagboom met geldautomaat, maar ook alle comfort. ((N 45.18781 o 0.73092). De weg hiernaartoe vanuit La Chapelle is een schitterende drie- en soms ook wel vierbaansweg. En…geen tol! (ook wel belangrijk voor camperaars). Vanuit deze stad vertrekken we naar Sint-Jean-Pied-de-Port. Dit pelgrimsstadje heeft een prima camperplaats (N43.16502 w 1.23182 5.50 euro).Het middeleeuwse stadje met zijn prachtige vesting die ’s avonds fraai is verlicht roept warme herinneringen op. Tien jaar geleden stond ik daar met mijn vriend Piet voor de grote klus om de Pyreneeën over te fietsen. Dit in het kader van de pelgrimstocht van Langedijk naar Santiago de Compostella. Dus alles komt weer boven: de slaapplaats (een refugio), de kerk en daarna de trap naar hogere sferen.

Sneeuw
Dat gaat allemaal door je heen als je met de camper diezelfde route de volgende dag gaat rijden. Het regent flink (Dat doet het daar altijd…) Op weg naar de top zien we prachtige plaatjes. Bergtoppen met sneeuw en mist. Via Pamplona, Logroño en Sante Domingo de la Calsada komen we in Burgos. Deze stad heeft ook weer een schitterende kathedraal waar je uren in rond kunt lopen. Ik neem een kopje koffie in een nabijgelegen café dat veelal door pelgrims wordt bezocht, Tineke gaat de kerk bekijken. Ik heb deze reeds tijdens mijn tocht gezien. De kathedraal is het middelpunt van Burgos en deze 88 meter hoge kerk, de Sante Maria werd gebouwd in 1221. We zijn op de fiets om deze kerk te bekijken want de camper staat op een camping, genaamd Fuentes Blancas (N42.34111 o 3.65806) aan de rand van de stad. De fietstocht van een klein half uurtje voldoet uitstekend en is goed voor de conditie. Langs de rivier de Rio Arianzón staan fraaie bomen en er is veel ruimte voor spel en vertier voor de Spanjaarden.

Banjeren
De volgende dag rijden we op een schitterende vierbaansweg van Burgos naar Madrid. We passeren de Rio Duero en laten het enorm hoge gebergte de Montes Carpetanos links liggen. We rijden Madrid binnen en rijden op onze Garmin richting een camperplaats in het centrum van de Spaanse hoofdstad. Vergeet het maar. Nada camperplaats dus. We zoeken weer in de Garmin naar een camping. Keurig loodst dit ‘wonder in een kastje’ ons naar de buitenkant van de Spaanse hoofdstad. De eigenaar van een ietwat smoezelig ogende camping vraagt 21 euro voor een gewone plek. Maar ja, je hebt wat. De volgende morgen gaan we via de metro naar het centrum. Het moet toch even gezegd worden: we zijn niet echt van die stappers die dagen in een stad rond kunnen banjeren. Dus houden we het op het gezellige centrum, de paleistuinen en natuurlijk het paleis. Schoolkinderen staan bij een Mariabeeld, geplaatst bij het paleis op het grote plein, dat op een hoge sokkel staat. Zij wordt toegezongen middels een luidspreker omdat er weer een van de vele heilige festiviteiten die dag gaande is. Spanje kent heel veel van dit soort fiësta’s. Wel zijn we nog naar het Museo Nacional Centro d’ Arte geweest waar veel fraaie schilderijen hangen van o.a. Picasso. Ook daar waren klasjes met kinderen die onderricht kregen van de juf. We hebben Madrid even geproefd en gaan weer richting de camping, inpakken en wegwezen.

Roltrappen
Nog voordat de avond invalt rijden we richting Toledo, een van de belangrijkste oude steden van Spanje. Deze vestingstad ligt op een heuvel, ongeveer 50 kilometer ten zuiden van Madrid. De grote parkeerplaats lonkt en wij trappen erin. Dat doen zo’n 15 campers ook, wij plaatsen onze mobilhome naast een Hollander. (N.39.86472 W. 4.01937, gratis!) Bezienswaardigheden zijn: de stadswallen, de hoogte van de stad en de service die je krijgt om de stad te bezoeken. Via vele roltrappen wordt je geleid naar een heel gezellig centrum met de kloosterkerk San Juan en verder de voormalige synagoge. Alles wordt bezocht via kleine nauwe straatjes gevuld met toeristen en auto’s. Maar, gezellig. We blijven nog een dagje daar rondwandelen en rijden dan naar Avila, een stadje dat daar uittorent boven alle steden en dorpen. Dit museumstadje is het hoogstgelegen stadje -op 1130 meter- van Spanje en tevens het vestingstadje met 88 torens dat het unieke centrum beschermt, nog geheel intact, zij het met vele restauraties. Maar toch heel bezienswaardig. Na enkele uren verlaten we deze stad en dalen richting Salamanga. Deze schitterende stad staat op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO, en terecht! Kijk eens naar de oude en nieuwe kathedraal, de universiteit en het gezellige Plaza de Mayor. De oude kathedraal kun je beklimmen en dan heb je zicht over de prachtige stad. De wijze waarop deze klim met begeleiding middels bordjes gerealiseerd is, is uniek. Je waant je langs kantelen en torens en hebt zicht op de grote klok. Toen we bovenaan stonden was het juist 12 uur. Horen en zien vergaat je dan, maar het is wel indrukwekkend.

Touwtje
We zoeken een camperplaats op, want na al deze indrukken, gaan we het wat rustiger aan doen. Terradillos is een klein dorpje, vrij nieuw, onder de rook van Salamanga. Op een groot plein bij sportvelden (N. 40.88056 W. 5.58293) staan nog twee campers. Ver in de hoek bevindt zich een kraan en een putdeksel met een touwtje. Dit om het toilet te legen. Primitief, maar genoeg. De plek is immers gratis! Er is nog niet al te veel is gezegd over de weersomstandigheden. Buiten natuurlijk de Pyreneeënrit, waar het echt slecht weer was, mochten we in Spanje zeker niet mopperen. Het zonnetje en de heerlijke temperatuur waren zeer aangenaam. Dus rijden we goedgemutst richting Portugal. Via Cáceres zouden we naar Lissabon rijden. Echter tijdens het rijden in zuidelijke richting wordt de lucht donkerder en valt even later de regen met bakken neer. Cáceres heeft gelukkig naast de vrijwel geheel intact gebleven stadsmuur ook een perfecte camping. Daar zijn we naar op zoek. Deze camping met een plek en privé-cabine voor douche en toilet is perfect. Ook wi-fi is aanwezig. Met deze stortregen en het technisch wonder dat wifi heet wordt onze reis richting Portugal geheel anders. De i-pad meldt via het weer-icoontje dat regen, regen en nog eens regen het beeld zal zijn dat we de komende tijd kunnen verwachten. We hoeven niet lang te dralen en hebben besloten om het roer om te gooien richting de warme zon en de oostelijke kust van de ons zo bekende Costa Blanca.

Circus
We rijden via de 430 dwars door Spanje om onze reis, die nu geheel anders zal verlopen, via Albacete richting Valencia. Het is een pittige rit dus gaan we onderweg zoeken naar een camperplaats. Via Cludad Real en Tomelloso komen we aan in San Clemente de la Mancha. Daar staan een paar Spanjaarden druk pratend onze camper te bekijken. Wij vragen naar de camperplek (N39.39722 W. 2.43583 gratis) die achteraf moeilijk is te ontdekken. Het vriendelijke stel wijst ons de weg naar een heel ruime plek. Dat ons uitzicht wordt gevormd door een circus in ruste is wel heel uitzonderlijk. ’s Nachts horen we het brullen van de leeuwen en later als de zon ons uit bed prikt staan de ezels en dromedarissen op honderd meter van ons vandaan te grazen aan hun ochtendontbijtje. Waar vind je zoiets…. Die morgen gaan we verder via Albecete en komen via schitterende, maar o zo gevaarlijke smalle en ruige paden in Jávea/Xàbia aan. Verder hebben we Calpe aangedaan en na enkele weken uitrusten zijn we weer richting huis gereden. Lissabon loopt niet weg. Dat zien we een andere keer wel weer, onder betere omstandigheden.

Dat is camperen. Dat is souplesse. Je kunt te allen tijde je route zelf bepalen. De bus doet het in tien dagen, maar als je stortregens hebt tijdens die dagen…. wat dan?

Herman Wijte