Op zaterdag 22 augustus worden de deelnemers verwacht op camping Nord Elm in Räbke. Het is heerlijk weer en ze hebben het daar gezellig met elkaar. Minder gezellig is de aanwezigheid van nogal wat wespen. Lenie is het eerste slachtoffer ervan. Ze neemt een slok van haar drankje en meteen gaat er ook zo’n beestje mee de mond in en heeft ze een steek te pakken. Het zuigpompje van Grietje baat in dit geval niet, ze blijkt allergisch te zijn en moet in het ziekenhuis opgenomen worden op de intensive care. Jan overnacht daar op het parkeerterrein. Lenie is de volgende ochtend gelukkig een stuk opgeknapt en voegt zich zo vroeg mogelijk bij Jan in de camper. Om zeven uur die avond zit iedereen aan het welkomstdiner.

Zondag 23 augustus moet er een lange rit gemaakt worden naar de eerste stop in Polen: Camping Stadion Olimpijski Nr 117. in Wroclaw. Het stadion werd geopend in 1928 en van 1935 tot 1939 gerenoveerd. Het valt onder monumentenzorg en mag niet verbouwd worden. Rond 18.00 uur wordt er een restaurantje gezocht, maar daar kan niet met pin betaald worden. De eigenaar neemt de twee-zonder-contanten in zijn Trabant mee naar een pinautomaat. Na een dollemansrit komen ze terug met Pools geld en ze hebben toch lekker gegeten!

Maandag 24 augustus Om 11.00 uur gaat de hele groep per tram naar het centrum van Wroclaw, waar om 14.00 uur een rondleiding gegeven wordt door een gids, voordien kan iedereen zelf de stad verkennen. Het mooiste en verrassendste is het muziekorgel, dat elk uur een ander muziekje speelt. Chopin is erg geliefd, omdat hij vier keer Wroclaw heeft bezocht. Gids Monica, die in België gestudeerd heeft, wijst op de vele kabouters, die overal in de stad staan. Daarvoor had bijna niemand deze kleine beeldjes nog ontdekt. Het eerste werd in 2001 opgericht door de ludieke verzetsbeweging Oranje Alternatie, die de kabouter als symbool voerde. Nu zijn het er driehonderd.

Dinsdag 25 augustus is een reisdag naar Camping Olenka, in Czestochowa, de stad van de Zwarte Madonna. De legende zegt dat de icoon van de Madonna tijdens een veldslag in 1430 gestolen werd. Maar die werd bij elke meter zwaarder en toen probeerden ze de icoon in stukken te hakken, waarop het begon te bloeden en in drie stukken uiteenviel. De koning gaf opdracht de icoon te restaureren, maar in de linkerwang van Maria lieten ze een litteken zitten. Sindsdien komen duizenden Polen als pelgrim naar Czestochowa en nu nog steeds. Lange rijen gelovige Polen staan voor de vele biechthokjes. Met bussen vol komt men om de Zwarte Madonna te zien.

Woensdag 26 augustus gaat iedereen op eigen gelegenheid nogmaals de stad verkennen. Er is onder meer een grote bazaar, een boulevard met allemaal terrasjes en een lange weg vol met kleine kraampjes waar van alles verkocht wordt, maar vooral veel religieuze souvenirs. De terugweg gaat weer via de kerk, waar een kardinaal buiten, ook op grote schermen te volgen, een dienst houdt.

Donderdag 27 augustus is een reisdag, via een mooie route gaat het naar Camping Clepardia in Krakow, naast het gemeentelijk zwembad. Om 17.00 uur is er een happy hour. Reisleider Jan heeft met de leiding van de camping een geintje uitgehaald om Clari te pakken te nemen, niet zonder succes. Men heeft gezien dat haar kat los liep en daar staat een behoorlijke boete op. Een hevig verontwaardigde Clari roept dat dat niet waar kon zijn. Hilariteit alom dus. Het happy hour is heel gezellig. Je leert elkaar steeds beter kennen.

Vrijdag 28 augustus staan de zoutmijnen in Wieliczka op het programma. Ze behoren tot de oudste ter wereld. In 1992 is de winning van zout stopgezet vanwege een grote overstroming. Niet iedereen gaat mee, want je moet 378 treden af. Er is gewaarschuwd dat de temperatuur in de zoutmijnen maar 16 graden is en buiten is het 35 graden, dus gaan de vestjes mee. Het is zeer de moeite waard. Er zijn ook scènes nagemaakt, bijvoorbeeld het vervoer in de mijnen met paarden. Die werden in de mijn geboren en zagen nooit daglicht. Alles in de mijn is van zout gemaakt, zelfs kroonluchters. Er is een ondergronds meer. Er is een route van 3,5 km langs standbeelden van historische en mythische figuren, allemaal uitgehouwen in rotsachtig zout. Verbazingwekkend!

Zaterdag 29 augustus gaat een deel van de groep per bus naar Krakow. Een ander deel gaat vandaag naar Auschwitz. In de stad staan koetsjes met paarden klaar om je op koninklijke wijze door de stad te laten rijden. Zo kom je door de oude stad, de joodse wijk en langs het kasteel van Wawel. Na de tocht wordt er geluncht op een van de vele terrasjes. De grote markthal, Lakenhal genaamd, is vol kleine winkeltjes en buiten zit een schilderes te verven met spuitbussen, zeer de moeite waard om te zien.

Op zondag 30 augustus om 12.45 uur vertrekt de bus naar Auschwitz, waar hij vijf kwartier later aankomt. Bij binnenkomst wordt er scherp gecontroleerd: tasjes en inhoud van zakken moeten in een bak gelegd worden en vervolgens loop je door een detectiepoortje. Ook mogen er van de controle geen foto’s gemaakt worden. Doe je dat wel, dan wordt er vrij hardhandig opgetreden zoals Ria meemaakte. Het fototoestel werd afgepakt en de foto werd verwijderd. De gids is zeer bevlogen, met veel respect spreekt hij over alles wat er gebeurd is. Ook vraagt hij uit respect geen lawaai en geen foto’s te maken van persoonlijke bezittingen zoals bijvoorbeeld van de berg schoenen, haren en borstels. Iedereen houdt zich daar netjes aan, uitgezonderd een grote groep Israëlische jongeren. Na een half uur pauze kan men per shuttlebus naar Birkenau. Dat wordt voor een deel van de groep wat teveel. Verschillende mensen haken bij de ingang af en anderen later, mede vanwege de brandende zon op deze vlakte, waar geen plekje schaduw te bekennen valt. Toch doet het wat met je, als je dit ziet, ondanks dat je er wel vrij veel over gehoord en gelezen hebt.

Maandag 31 augustus wordt er verplaatst naar camping Ustup bij Zakopane, waar de groep vriendelijk ontvangen wordt door eigenaar Matsie. Om 19.00 uur wordt er gegeten in een nabijgelegen pizzeria. Dat is niet zo’n succes: als de laatsten hun pizza krijgen, hebben de eersten het toetje al op.

Dinsdag 1 september wordt Zakopane bezocht. Daar kun je met een tandradtreintje naar boven. Het is er erg toeristisch: veel kraampjes met van alles en nog wat. Beneden in de stad worden nog wat winkels bekeken en na de lunch pakken velen de bus terug naar de camping. Er moet nog tapas gemaakt worden. Elk stel heeft iets anders bereid voor de hele groep. Er is soep, een zalmsalade, gevulde eieren, groene salade, toast met haring in roomsaus, wraps, ragout, dadels met roomkaas en nog meer. Erg lekker allemaal. Reina en Wim zorgen voor de muzikale omlijsting. Wim met zijn gitaar en Reina met haar stem. Matsie doet ook volop mee. En zelfs zijn zieke vrouw laat zich even zien in klederdrachtjurk. Erg gezellig allemaal.

Woensdag 2 september. Om 9.00 uur staan de busjes klaar voor vertrek naar het seniorenraften. Het is iets meer dan een uur rijden naar het opstappunt aan de rivier de Dunajec, die de grens vormt tussen Tsjechie en Polen. De rivier is op sommige plekken 12 meter diep. We kabbelen rustig twee uur lang in bootjes, zoals ze tweehonderd jaar geleden ook gebruikt werden. Er wordt wat gegeten in Szczawnica, een klein dorpje dat bestaat omdat de boottocht daar eindigt. Verder is er een kasteel te zien en een kerkje dat helemaal van hout gemaakt is.

Voor donderdag 3 september staat er –behalve het happy hour- niets op het programma en doet ieder zijn eigen ding.

Vrijdag 4 september wordt er afscheid genomen van Matsie en zijn superschone camping. Na elk gebruik van douche en toilet wordt er grondig schoongemaakt onder supervisie van Matsie himself. De emmers sop staan keurig in gelid te wachten. De rit gaat via Wadowice, de geboorteplaats van Paus Johannes ll. Van het geboortehuis, naast de kerk, is een museum gemaakt. Ook de kerk is zeer de moeite van het bezichtigen waard. Vervolgens wordt er doorgereden naar Camping Pod Debowcem Nr.99 in Bielsko Biala.

Zaterdag 5 september gaan Toos en Henk op de fiets naar de stad Bielsko Biala. Er zijn goede fietspaden. De oude binnenstad ligt hoog. Op de terugweg zien ze een afslag over het hoofd waardoor ze op een gegeven moment niets bekends meer zien. Aan een vrachtwagenchauffeur wordt de weg gevraagd. Die stuurt hen naar een andere camping. Er blijken in Bielsko Biala twee campings te zijn. Toen hebben ze de weg gevraagd aan een stel op de fiets, die zijn voor hen aan gaan fietsen tot de weg die naar de camping voert.

Zondag 6 september is een reisdag naar camping Forteca in Uciechow van de Nederlander Mathijs van Dijk. Er zijn drie routes aangegeven, twee door Polen en een via Tsjechië. Deze keer konden Gerrit en May de camping niet vinden. Toen ze een politieagent zagen hebben ze aan hem de weg gevraagd en die was zo vriendelijk om hen onder politiebegeleiding naar de camping te brengen. De mensen in Polen zijn sowieso erg vriendelijk en hulpvaardig.

Maandag 7 september is een rustdag. Om 18.00 uur is er een barbecue die door de camping geregeld wordt. Vanwege het weer wordt er binnen gegeten. De kok heeft het vlees buiten gegrild en op ieders bord een worst, spies en karbonade gelegd. Daar wordt nog kip- en Griekse salade bij geserveerd plus aardappelen in de schil en stokbrood met kruidenboter, beide uit de oven en fruit na.
Na het eten krijgen we een muzikaal intermezzo van Mathijs achter de vleugel en zijn vrouw Anna met de saxofoon. Anna speelt ook op de piano, een stuk van Chopin. Iedereen is er stil van. Via een beamer worden nog de door Henk gemaakte foto’s bekeken.

Dinsdag 8 september is er markt in Dzierzoniow, een stadje op vier kilometer afstand. Dat is goed te fietsen. Er wordt gezellig over de markt geslenterd en naar het centrale plein gefietst, waar op een terrasje lekkere koffie met nog lekkerder wafels genuttigd worden. Er zijn meerdere reisgenoten die dit terras aandoen. Als Pieter wil betalen krijgt hij de rekening van hen allemaal voorgeschoteld, die hij ook betaalt. Pas later realiseert hij zich dat het toch wel erg duur was. Als de anderen willen betalen horen ze dat er al betaald is. Uiteraard is dit wel weer met Pieter verrekend. Om 20.00 uur wordt iedereen in de kantine verwacht voor een quiz. We worden vier keer in vier verschillende groepen ingedeeld. Met de groep moet je vragen beantwoorden die soms heel hilarisch zijn. Bijvoorbeeld: hoe heet een stewardess in Zuid- Afrika? Antwoord: een wentelteefje. Pieter is de beste, samen met partner Clari, tweede is Kees met partner Annie. Zij krijgen als prijs een ritje per koets aangeboden bij de laatste camping.

Woensdag 9 september moet er verkast worden naar camping Pod Lasem in Bolkow waarvan de eigenaar Nederlands spreekt, omdat hij ’s winters in Nederland werkt. Wij rijden de route via Gross Rosen, een van de tien Poolse concentratiekampen, dat weliswaar niet heel bekend is. Het is er rustig en het ziet er goed verzorgd uit. Maar als je buiten de groeves ziet waar destijds graniet uitgehouwen moest worden, dan kun je je wel enigszins voorstellen hoe zwaar de gevangenen ook daar geleden moeten hebben. Op de parkeerplaats is Henk aan de binnenkant van zijn lip gestoken, doordat hij niet zag dat er een wesp op zijn broodje zat. De lip wordt heel erg dik, maar gelukkig blijft het daarbij. ’s Avonds hebben we een bijzonder happy hour. Er is een folkloregroep met zang en dans. In de pauze maakt Grietje van de gelegenheid gebruik om op de accordeon van één van hen een paar Nederlandse liedjes te spelen, die door ons vrolijk meegezongen worden. De sfeer zit er goed in. Helemaal als de campingbaas ook nog zorgt voor een proeverij van zelfgemaakte wijnen en verschillende worstsoorten.

Donderdag 10 september. Wie vanavond uit eten wil, moet dat doorgeven aan Robert, de campingeigenaar. Dan regelt hij dat je gratis gehaald en gebracht wordt door de eigenaar van het restaurantje. Daar wordt goed gebruik van gemaakt. Het zit bijna vol als wij er allemaal zijn. Dan komt er ook nog een groepje (hoe is het mogelijk!) Nederlandse mannen binnen en zit het echt vol.

Vrijdag 11 september rijden wordt er verplaatst naar camping Stary Folwark in Lipinki Luzyckie, een camping annex manege, hotel, appartementen en paardenpension. De route ernaartoe is mooi, gaat door bossen en dorpjes. Sommigen komen via een heel smal zandpad binnen. Volgens reisleider Jan hadden die ‘zandpaden mijden’ in moeten schakelen. Om 19.00 uur lopen we naar een ruimte in het bos waar het laatste happy hour gehouden wordt, met als extra soep, door Klaasje met enkele hulpen gemaakt. Coby heeft ragout gemaakt en ook nog gebakken kippenlevertjes met ui en spek. Het stokbrood erbij maakt de maaltijd compleet. Lenie heeft voor ijs als toetje gezorgd. Voor het eten is er buiten al een kampvuur aangemaakt, dat brandt behaaglijk. Als het begint te regenen gaan we binnen verder met kampliedjes zingen.

Zaterdag 12 september is de laatste gezamenlijke dag. Om 11.00 uur komt de koets voor de prijswinnaars. Na een uurtje komen ze met witte gezichten terug. De paarden zijn ergens van geschrokken en bijna op hol geslagen.
’s Middags is er een wijn- en streekproductenproeverij. Om 18.30 uur is het afscheidsetentje, waar Henk namens allemaal Jan en Lenie bedankt voor de goede zorgen. Onder het genot van een drankje wordt er ’s avonds alvast afscheid van elkaar genomen.

Toos Krabbenborg

Foto’s: Henk Krabbenborg en een paar van Harry Peelen en Rens Tel