Een reëel gevaar voor camperaars en hun viervoeters

Alleen al in Nederland worden jaarlijks zo’n 1,5 miljoen mensen gebeten door een teek. Teken komen niet uitsluitend voor in bossen, maar zijn overal te vinden waar natuur is: in achtertuinen, (stad)parken, duinen, grasduinen maar ook op golfbanen, campings en camperplaatsen!

Huisartsen krijgen per jaar ongeveer 23.500 mensen met een rode ring- of vlekvormige uitslag op de huid (EM = erythema migrans) op het spreekuur. Deze huiduitslag houdt in dat je de ziekte van Lyme hebt opgelopen. Testen is niet noodzakelijk, direct behandelen wel. Er verschijnt echter niet altijd een EM, terwijl u toch besmet kan zijn. Teken dragen behalve de ziekte van Lyme ook andere ziekten over. Vaak is de ziekte van Lyme goed te behandelen, maar 1.000 tot 2.500 mensen per jaar houden na behandeling langdurig klachten zoals vermoeidheid, pijn of concentratiestoornissen. Waarom een deel van de patiënten zulke klachten krijgt en houdt is niet bekend.

Wat is nu eigenlijk een teek?

Een teek is een bruinzwart ‘spinnetje’(een geleedpotige parasiet) en omdat ze verschillende levensstadia hebben, zijn er verschillende groottes te onderscheiden.

                    

Ixodes ricinus (schapenteek) volwassen vrouwtje,volwassen mannetje,nimf, larve (foto: Fedor Gassner)

  • In Nederland vinden we harde en zachte teken. De harde teken hebben een hard schildje op hun rug. De teek Ixodes ricinus komt het meest voor in Nederland en wordt ook wel gewone teek, houtteek, schapen- of hondenteek genoemd. Deze teek kan de ziekteverwekker bij zich dragen, die de ziekte van Lyme kan veroorzaken.
  • Zachte teken hebben geen rugschild en ze leven meestal in een nest of een hol van een vogel of ander dier. Ze zuigen het meeste bloed van vogels en vleermuizen, maar lusten ook graag een slokje van andere dieren of mensen. Deze soort wordt ook wel de duiven- of kippenteek genoemd.
  • Een speciale soort is de Dermacentorteek. Sinds een aantal jaren komt deze niet uitsluitend meer voor in Zuid- en Midden Europa, maar ook in Nederland. Deze teek heeft de bijnaam hondenkillerteek, omdat het voor honden de dodelijke ziekte Babesiose kan overbrengen. Ook kan deze teek voor de mens gevaarlijke ziekteverwekkers bij zich dragen: Rickettsia.

Teken zijn een zogenaamde ‘drie gastheren parasiet’: een teek zoekt in elk van zijn drie ontwikkelingsstadia een nieuwe gastheer!


Drie gastheren

  1. Als een teek net uit het eitje gekomen is, dan spreken we over een larve. De larve is net een halve millimeter groot en daardoor slecht te zien. Een larve heeft zes pootjes. De larven kruipen op een grasspriet of plant op enige hoogte boven de grond. Als een mogelijke gastheer langskomt, klampen ze zich vast en zuigen zich vol waarna ze zich weer laten vallen op de grond en vervellen.
  2. Na de vervelling van de larve zoekt de nimf (1 millimeter groot met inmiddels acht pootjes) naar een nieuwe gastheer, waarna het hele proces zicht herhaalt: de nimf klampt zich vast, zuigt bloed, laat zich op de bodem vallen en vervelt.
  3. De onzijdige nimf is veranderd in een volwassen mannetje of vrouwtje en is inmiddels gegroeid naar drie tot vijf millimeter. Er wordt nu ook naar een partner gezocht, waarna de paring plaatsvindt. Het mannetje zuigt geen bloed meer en speelt geen rol bij het overbrengen van ziekten, maar is nuttig voor het zorgen van het nageslacht. Het vrouwtje zoekt nog wel een derde bloedmaaltijd. Het vrouwtje zet na haar laatste bloedmaaltijd -voor zij sterft- een aanzienlijke percentage van haar lichaamsgewicht (50% of meer) om in eitjes en produceert honderden tot duizenden eitjes.

 

Linksboven: vrouwtjesteek; linksonder: mannetjesteek; rechtsboven: een nimf; rechtsonder: een larf (bron: RIVM)


Hoe actief is de teek?                                                                                                                          

De tekenverwachting op www.tekenradar.nl geeft voor elk deel van Nederland aan hoe actief de nimfen gemiddeld zijn. De nimf is het stadium van de teek waardoor mensen het vaakst gebeten worden. Naast de actuele verwachting is het mogelijk om tot tien dagen vooruit te kijken. De tekenverwachting zegt niets over het aantal teken in een bepaald gebied of het aantal besmette teken. De tiendaagse tekenverwachting wordt gebaseerd op de waargenomen weersomstandigheden, de meerdaagse weersverwachtingen en het moment van het jaar. Vanaf mei tot ver in de zomer is de verwachte tekenactiviteit in heel het land continu hoog. Dan geeft de radar weinig tot geen variatie weer.

De grootste kans om een tekenbeet op te lopen is door een buitenactiviteit zoals wandelen in park of bos en tuinieren. Toch zijn er ook meldingen van mensen die in huis gebeten worden door een teek, die meegekomen is met de hond of poes, die buiten is geweest. Vooral nimfen en larven worden gemakkelijk over het hoofd gezien. Controleer je huisdier regelmatig. Voorkomen van een tekenbeet is heel belangrijk. Hieronder volgen een aantal adviezen.


Stappenplan om de kans op ziekte door een tekenbeet zo klein mogelijk te maken

Stap 1 – Voorkomen

  • Draag lichaam bedekkende, licht gekleurde kleding. Teken zijn hierop goed zichtbaar:.
    • gesloten schoenen;
    • lange broek;
    • broekspijpen in de sokken;
    • shirt met lange mouwen;
    • shirt in de broek;
    • kleine kinderen een petje;
    • gebruik eventueel speciale geïmpregneerde teekwerende kleding.
  • Blijf zo veel als mogelijk op wandelpaden.
  • Vermijd indien mogelijk het lange gras en struikgewas.
  • Neem een tekenverwijderaar mee.
  • Eventueel kun je teekwerende middelen gebruiken waarin DEET, Icaridin if IR3535 zit.

Stap 2 – Herkennen en controleren

Bekijk de foto’s goed en onthoud hoe en teek eruit ziet.

Doe na een verblijf in of bezoek aan het groen een tekencheck!

  • Voorkeursplekken voor teken zijn de vochtige lichaamsplekken en plekken met een dunne lichaamshuid:
    • tussen de tenen;
    • knieholtes en liezen;
    • bilspleet;
    • nek en haarlijn;
    • achter de oren.
    • Controleer ook je kleding op teken. Teken kunnen blijven hangen in kleding (aan de binnenkant of in de zomen) en op en later moment toeslaan!

Stap 3 – Verwijderen

  • Verwijder de teek zo snel als mogelijk, dit verkleint de kans dat geïnfecteerde teken ziektes overdragen. Binnen 24 uur verwijderen is geen garantie dat de teek niet kan besmetten!
  • Irriteer de teek niet met zeep, alcohol, vuur e.d.; dit verhoogt de kans op besmetting doordat de teek zijn maaginhoud in de bloedbaan uitspuugt!
  • Verwijder de teek met een speciale tekenverwijderaar, zoals een tekenverwijderkaart, tekenlepel of puntig pincet.

  • Pak de teek zo dicht mogelijk op de huid bij de kop vast en trek die langzaam uit de huid, zonder te draaien, te knijpen of de teek te beschadigen.
  • Desinfecteer het bijtwondje na verwijdering van de teek met 70% alcohol of jodium. De tekenverwijderaar kan na gebruik in kokend water gedesinfecteerd worden.
  • Noteer datum en plaats van de tekenbeet op het lichaam en mak een foto van de beetplek.
  • Meld de tekenbeet bij de huisarts en bij tekenradar.nl.

Stap 4 – Controle op symptonen / huisarts

  • Houd de beetplek tenminste twaalf weken goed in de gaten.
  • De ziekte van Lyme met EM. Bij besmetting kan er dagen tot weken na de tekenbeet een groter wordende rode vlek/kring (bij gekleurde mensen een blauwe of gelige vlek/kring) de zogenaamde EM op of in de buurt van de beetplek verschijnen. Ga dan onmiddellijk naar de huisarts en vraag om een antibioticakuur. Maak een foto van de plek. Het verdwijnen van de EM zegt niets over het verdwijnen van de bacterie in het lichaam.
  • De ziekte van Lyme zonder EM. Als je besmet raakt, kun je weken tot maanden na de besmetting griepachtige klachten krijgen, maar dat kan ook uitblijven. Slechts 30% tot 70% van de mensen die de ziekte van Lyme oploopt, krijgt een EM. Maanden tot jaren later, kun je zeer diverse klachten krijgen, Het is dan moeilijk om de juiste diagnose te krijgen. Hieronder enkele van de vroege symptomen.
  • Griepachtige klachten, zoals koorts, rillingen, vermoeidheid, keelpijn, spierpijn, stijve nek, gewrichtspijnen en hoofdpijn.
  • Borrelia lymfocytoom, blauwrode, vast aanvoelende zwelling op o.a. oorlel, tepel, scrotum.
  • Laboratorium onderzoek: testen op antistoffen. Het lichaam heeft tijd nodig om antistoffen aan te maken, dus serologisch testen zijn de eerste zes tot acht weken zeer onbetrouwbaar. Een negatieve testuitslag kan Lyme nooit uitsluiten.
  • Een antibioticakuur van tien tot veertien dagen blijkt lang niet altijd voldoende om de ziekte van Lyme te genezen. Dit geldt vooral bij laat ingezette behandelingen. De optimale behandelmethode ligt binnen één maand na het oplopen van de infectie.
  • Preventieve behandeling met twee tabletten Doxycycline na een tekenbeet biedt onvoldoende garantie dat je de ziekte van Lyme niet ontwikkelt en wordt daarom afgeraden.